Zo schrijf je een goed artikel. Van begin tot eind. Van research tot publicatie.

Heb je een onderwerp en een invalshoek bedacht en wil je daar een artikel over schrijven? Dan is het tijd om aan de slag te gaan. Maar waar begin je? Hoe en waar doe je research? Hoe bepaal je de breedte en diepte van je verhaal? Hoe bouw je het artikel op, van begin tot eind? Ik geef je een kijkje in mijn keuken en deel mijn kennis en ervaring met je.

Stap 1 - Invalshoek. Check. Check? Ja. Check.

Al mijn artikelen staan of vallen met een sterke invalshoek. Aangezien het kiezen van de invalshoek het allereerste is wat ik doe, kan ik maar beter zeker weten dat die invalshoek het verhaal gaat brengen waar de mensen die ik wil bereiken op zitten te wachten. Daarom eerst een paar vragen om te checken of ik ‘m heb, of dat ik toch nog even verder moet zoeken. Ik schrijf mijn invalshoek op in één zin en geef antwoord op de volgende vragen:

  • Word ik hier blij van?
  • Worden de mensen die ik wil bereiken hier blij van?
  • Is mijn invalshoek smal genoeg om genoeg de diepte op te kunnen zoeken?
  • Is mijn invalshoek breed genoeg om er genoeg over te kunnen vertellen?
  • Heb ik hier genoeg kennis voor in huis of kan ik aan die kennis komen?
  • Voegt deze invalshoek iets toe aan wat de mensen die ik wil bereiken al weten over dit onderwerp?

Heb ik op één of meer van bovenstaande vragen een ‘nee’ geantwoord? Dan heb ik de juiste invalshoek nog niet te pakken. Heb ik overal een ‘ja’ op kunnen antwoorden? Dan is het tijd om aan de slag te gaan met mijn research.

Stap 2 - Research: zo doe je dat

Een goed verhaal schrijf je pas als je weet waar je het over hebt. Ik zorg dus dat ik op de hoogte ben van de ontwikkelingen rond het onderwerp dat ik heb gekozen en specifieker rond de invalshoek waar ik mee aan de slag wil. Google is daarbij mijn beste vriend. Ik probeer een aantal verschillende zoektermen en probeer zoveel mogelijk te variëren. Stel dat mijn onderwerp ‘ruimtereizen’ is en mijn invalshoek Kunnen we binnen twintig jaar een kolonie stichten op Mars?’, dan zou ik om te beginnen de volgende zoektermen gebruiken.

  • Space travel
  • Colonising Mars
  • When will we live on Mars?
  • Can we live on Mars?
  • Traveling to Mars
  • Humans on Mars
  • How long before we can live on Mars?
  • What do we need for living on Mars?

Zoals je ziet zoek ik altijd eerst op Engelse zoektermen, aangezien de meeste informatie in die taal te vinden is en nieuwe inzichten en belangrijke ontwikkelingen meestal in die taal worden gepubliceerd.

Aan de hand van wat ik tegenkom, bedenk ik meestal weer allerlei andere relevante zoektermen.

Ik zoek via Google, maar ook via Youtube, social media en op platforms als Medium.com. Zo ontdek ik wie de influencers en thought leaders binnen mijn onderwerp zijn en kan ik specifiek naar materiaal van die mensen zoeken. Medium.com vind ik een heel fijn platform; je vindt er over het algemeen sterke artikelen over de meest uiteenlopende onderwerpen, fijn leesbaar en meestal geschreven door mensen die hoger opgeleid zijn en weten waar ze het over hebben.

Heb ik meer dan een uurtje beschikbaar voor mijn research? Dan zoek ik ook naar documentaires, talks (TED talks bijvoorbeeld), films en boeken. Die extra research zorgt vaak dat ik net even wat meer de diepte in kan en net even wat interessanters te vertellen heb dan wanneer ik een vlug rondje Google heb gedaan of puur uit eigen kennis put.

Het bruikbare materiaal dat ik tegenkom verzamel ik in een Google doc. Ik zet de link erbij, de bruikbare informatie en ik arceer de extra belangrijke informatie. Dingen die ik tussendoor zelf bedenk voor het artikel, noteer ik onderin het document met mijn eigen naam erbij.

Een andere handige manier om informatie over een bepaald onderwerp op te slaan en later terug te vinden is de app Pocket. Je klikt op de knop die je daarmee in je browser installeert en geeft een tag mee. Zo kun je later alles makkelijk terugvinden en lezen binnen de prettige omgeving van Pocket.

Stap 3 - Het skelet

Schrijven is lijden. Ja, schrijven is ook het fijnste wat er is, maar het is ook afzien. De hoeveelheid keuzes die je kunt maken in je verhaal is oneindig en daarbij is elke letter er één. Dat voelt altijd overweldigend op het moment dat ik aan mijn artikel begin, dus vind ik het fijn om mezelf wat houvast te geven.

Die houvast geef ik door het ‘skelet’ op te stellen. Zo hoef ik het artikel daarna als het ware alleen nog ‘in te vullen’. Dat skelet bestaat uit:

  • Een werktitel - Ik schrijf een leuke werktitel op waar ik blij van word. Met een goed gevoel aan mijn artikel beginnen is cruciaal om een verhaal te schrijven dat lekker leest. Ik zorg dat de invalshoek duidelijk in die titel zit verwerkt, maak de titel groot (lettergrootte 36 of 48) en geef ‘m een kleur die past bij het onderwerp.
  • Een inleiding - Veel copywriters zeggen dat je met het einde moet beginnen en met het begin moet eindigen. Ik niet. Een goed begin begint bij het begin en bovendien zorgt een begin voor een duidelijke richting in je verhaal. Je maakt als het ware een belofte aan jezelf en aan je lezer: dit is wat ik als schrijver ga vertellen, dit is wat jij als lezer kunt verwachten. Bijkomstig voordeel is dat vaak alles op z’n plek valt nadat die inleiding staat. Het overweldigende gevoel maakt dan plaats voor overzicht, richting en heel veel zin om aan de slag te gaan.
  • Tussenkoppen - Wat wil ik vertellen en in welke volgorde? Met de tussenkoppen zet ik de route uit van begin tot eind. Ik raad je aan dat ook te doen, omdat je anders onderweg verdwaald raakt in zijpaden, jezelf verliest in bijzaken en je zowel het begin als het einde uit het oog verliest. Met tussenkoppen zorg je voor een logische en een voor de lezer gemakkelijk te volgen reis van A naar B. Don’t worry, die tussenkoppen kun je onderweg nog veranderen als je ineens besluit dat de weg naar het einde via een andere route beter of leuker wordt.
  • Steekwoorden voor de conclusie - De conclusie schrijf ik pas op het einde. Wel heb ik van tevoren al bedacht waar ik op uit wil komen, dus schrijf ik bij de conclusie alvast wat steekwoorden op om mezelf te herinneren aan het eindpunt dat ik voor ogen heb.

Stap 4 - Loslaten

Onderzoek na onderzoek toont aan dat juist loslaten en later weer oppakken, tot betere ideeën leidt. Je hersenen blijven op de achtergrond met het onderwerp bezig; dat wat je hebt bedacht kristalliseert zich uit. Ook ik kan dat beamen. Vaak schieten op die manier ineens de beste dingen in mijn brein. Onder de douche, tijdens het boodschappen doen of wanneer ik ‘s nachts in bed lig - hoewel ik dan liever slaap, maar ik ben nu eenmaal met een stormhoofd geboren.

Stap 5 - Schrijven! Lijden!

De volgende dag, of in ieder geval een aantal uur later, is het tijd om te gaan schrijven. Dat schrijven is vooral een kwestie van kennis, ervaring, creativiteit en toewijding. Dat kan ik je hier niet meegeven, maar ik kan je wel uitleggen hoe ik de omstandigheden creëer waarin ik het beste schrijf:

  • Fijne muziek op de achtergrond - niet te langzaam, maar ook niet té upbeat. Benieuwd welke muziek ik luister? Volg dan mijn Spotify playlist ‘deep dreams’.
  • De juiste werkplek - in mijn geval thuis. Ik werk het fijnste thuis, met mijn drie schermen, werktafel, uitzicht, handcrème, vapor, warm licht, inspirerende kunst aan de muur en de afwezigheid van mensen om me heen.
  • Het juiste tijdstip - ik ben een avondmens, of in ieder geval geen ochtendmens. Ik ben dus vooral in de middag, avond en nacht creatief, dus zorg ik dat ik op die momenten schrijf.
  • De juiste concentratieflow - ik ben behoorlijk ADHD, heb een korte spanningsboog, maar wel het vermogen om me te hyperconcentreren. Daarom werk ik het liefst in sprints van een half uur. Die sprints eindig ik met een rondje door mijn woonkamer, het zetten en drinken van thee, het dansen in mijn woonkamer (werkt heel goed voor je creativiteit) of het staren naar een willekeurig punt op de muur. Na vijf of tien minuten begin ik aan de volgende sprint.

Stap 6 - De conclusie

De conclusie is minstens net zo belangrijk als de inleiding. De conclusie is de knuffel na goede seks, het dessert na een sterrenmaaltijd, de buiging na een staande ovatie, de wandeling naar huis na een goede film. Je kunt je conclusie op verschillende manieren insteken. Ik kies meestal voor een van de volgende opties:

  • Food for thought - Je geeft je lezer op de valreep nog iets mee om over na te denken. Een oneliner, een prikkelende vraag of een scherpe stelling op basis van je verhaal werken vaak goed.
  • Wrap-up - Je vat het verhaal samen in een notendop, zodat je lezer met een gevoel van duidelijkheid en overzicht je artikel verlaat.
  • De nuance - Je legt je lezer uit dat je een stelling innam of specifieke kant hebt belicht, maar dat je ook wel begrijpt dat je anders naar het onderwerp kunt kijken. Niet mijn favoriet, maar soms nodig.
  • Call-to-action - Je roept je lezers op om een bepaalde actie te ondernemen.
  • Call-for-dialogue - Je roept je lezer op om te reageren, door een mening te delen, een aanvulling te doen of een antwoord op een concrete vraag te geven.

Stap 7 - Redigeren, herschrijven, bijschaven.

Dat begint bij lezen. Ik lees het artikel eerst een keer van begin tot eind, zonder enige aanpassingen te doen. Elke zin beïnvloedt elke andere zin, dus je kunt een verhaal niet tussendoor aanpassen en dan verder lezen. Ik lees daarbij de tekst hardop in mijn hoofd voor, in een rustig tempo, waarbij ik bij alles wat ik zeg even stil sta.

Op basis van die eerste keer lezen, bedenk ik wat de conclusies zijn. Loopt het niet lekker? Mis ik nog argumenten? Zitten er gaten in het verhaal? Te weinig samenhang? Onnatuurlijke overloop tussen alinea’s? Missen er tussenkoppen of kunnen er juist tussenkoppen uit? Voelt het te lang of juist te kort? Klopt de conclusie bij de rest van het verhaal niet of past de inleiding niet meer? En hoe staat het met de titel? Weergeeft die de strekking van het verhaal nog goed? Ik zet de conclusies als opmerking op de juiste plekken in de tekst.

Aan de hand van die opmerkingen ga ik herschrijven. Ik let daarbij nog zo min mogelijk op taal en stijl, ik zorg eerst dat het verhaal inhoudelijk en in grote lijnen helemaal goed staat.

Als dat is gelukt, ga ik het artikel nog een keer lezen, zonder onderbreking, om te controleren of het verhaal nu van begin tot eind goed staat.

Tot slot ga ik redigeren. Elke zin neem ik onder de loep. Zie ik taalfouten? Stijlfouten? Loopt de zin lekker? Past de zin goed bij de vorige en de volgende zin? Zit er een lekker ritme in? Afwisseling in tempo en lengte ten opzichte van de zin ervoor en erna?

Stap 8 - Weer loslaten

Genoeg geleden. Tijd om mijn artikel helemaal los te laten en er niet meer mee bezig te zijn. Vaak merk ik dat ik dat onbewust toch nog doe. Dan schieten er ineens nog ideeën in mijn hoofd. Die schrijf ik op voor morgen, voor de laatste blik.

Stap 9 - Laatste blik

Ik lees het artikel nog een laatste keer, pas eventueel de laatste ideeën toe die ik na het ‘loslaten’ heb bedacht en haal de laatste foutjes eruit. Dan pas lever ik het verhaal aan bij mijn klant of - wanneer het een artikel voor mezelf is - publiceer ik het verhaal op mijn website.

Extra tips

  • Zorg dat je niet te vaak dezelfde woorden gebruikt. Wissel af. Ik ken van mezelf de woorden die ik geneigd ben te vaak te gebruiken. Door met ‘control + F’ te zoeken, zie ik in één oogopslag hoe vaak die woorden voorkomen in mijn tekst en op welke plekken.
  • Ook dubbele spaties haal je uit je tekst door daarop te zoeken met ‘control + f’.
  • Plak je tekst in WordCounter om het aantal woorden, zinnen, alinea’s, letters, de leestijd, de spreektijd en de meest voorkomende woorden te achterhalen.
  • Laat je artikel door iemand anders lezen. Daarbij is het handig dat je iemand kiest die onderdeel van je beoogde publiek zou kunnen zijn. Vraag om eerlijke, kritische feedback.
  • Gebruik grote letters tijdens het schrijven, zo voorkom je moeie ogen. Ik gebruik lettergrootte 14.
  • Schrijf je veel in de avond of nacht? Gebruik dan de browser-extensie f.lux, die het blauwe licht van je beeldscherm dimt. Dan kun je na het schrijven beter slapen.
  • Gebruik geen ouderwets, stoffig, omslachtig of ambtelijk taalgebruik. Denk daarbij aan woorden als ‘ofschoon’, ‘althans’, ‘bij deze’, ‘nochtans’, ‘middels’, ‘aantreffen’, ‘betreffende, ‘echter’ en ‘gaarne’. Hier vind je een lijst van dat soort woorden, inclusief alternatieven.

Succes!

Ik hoop dat je iets hebt gehad aan mijn tips. Veel succes!

Heb jij nog sterke tips die je met mij en mijn lezers wilt delen? Deel ze dan in een comment. En neem contact met me op als je ergens niet uitkomt of last hebt van een writers block, dan hersenstormen we je er samen uit.

P.S. Wil je ook beter begrijpen over welke onderwerpen je 'moet' schrijven? Over de tone of voice die je kiest? Het publiek waarvoor je schrijft? En de manier waarop je jouw verhalen onder de aandacht brengt bij dat publiek? Lees dan mijn gratis e-book 'Contentmarketing naar een hoger niveau: zo doe je dat!'. Veel leesplezier.